Best gelezen berichten

Posts tonen met het label coachtips. Alle posts tonen
Posts tonen met het label coachtips. Alle posts tonen

Coachvragen voor 'zo ben ik nu eenmaal'

Daar zit je dan als coach. 

Jij wilt best helpen en de ander ziet best in dat het beter kan. Maar ja, zegt hij 'zo ben ik nu eenmaal.' En dan?

Om te beginnen is zo ben ik nu eenmaal vaak een reactie op de situatie of op wat je net zelf gevraagd of gezegd hebt. De vraag is wat deze reactie écht betekent. Wat is de boodschap? Probeer allereerst nieuwsgierig te zijn en daarvoor open te staan. 

En als je allergie de kop op steekt, of de moed je in de schoenen zakt, dan heb je eerst zelf iets te doen als coach natuurlijk.

Maar ervanuit gegaan, dat je echt kan luisteren naar de boodschap, dan start het onderzoek.

Optie 1: ik ben wel zo, maar wil niet zo zijn (verborgen boodschap: help mij te veranderen)
Vragen als "En hoe is dat om zo te zijn?" "Wat voel je daarbij, of wat vind je daarvan?" kunnen helpen om deze boodschap bloot te leggen. En als iemand wel wil veranderen, een last ervaart, maar deze opvatting over zijn identiteit heeft, dan kan je verder gaan met vragen die inzicht geven in de ruimte die er wel is. "Ben je altijd zo? Of alleen in bepaalde situaties, met bepaalde mensen, etc.?' Wanneer wel, wanneer niet? En wat helpt je dan als het wel lukt? Hoe kan je daar meer van krijgen, enzovoort. Die route.

Optie 2: ik ben zo en dat wil ik graag zo houden (verborgen boodschap: respecteer en accepteer mij) 
Als je dit merkt (je kan ernaar vragen, je voelt het meestal aan, en je kan het onderzoeken doordat optie 1 vastloopt), dan voel je meestal ook de onmacht bij jezelf als coach. "Ik wil best promotie maken, maar ik ben nu eenmaal niet zo assertief". Iemand gelooft zelf eigenlijk niet dat het anders zou kunnen en iemand wil niet graag zichzelf veranderen. Belangrijk principe in het coachen is dan dat mensen wel willen veranderen, maar niet willen veranderd worden. Dus blijf open vragen: "zou je wel meer assertief willen zijn (ondanks je opvoeding, genen, ...je 'zijn'), of denk je dat dit niet bij je past?" Waarom wel, waarom niet? En kijk of het gesprek kan gaan over identiteitsvorming en bepaling. Wie bepaalt wie jij bent? Is dat je opvoeders, je genen? Welke invloed heb je zelf? Ben je wel eens anders tegen dingen aan gaan kijken? Tegen jezelf aan gaan kijken? Welk verschil maakte dat? Zou dat ook voor assertiviteit kunnen opgaan op bepaalde manieren? Belangrijk is om er geen discussie van te maken, maar de antwoorden steeds te respecteren. Maar je kan natuurlijk wel uitdagen en onderzoeken: "En als je dit of dat wel veranderd hebt, wat maakt assertiviteit dan zo anders?" Of "Als je nu als volwassen meer vraagt en voor jezelf opkomt dan als kind, wat betekent dat dan voor je uitspraak van zo ben ik nu eenmaal?" Zoals je merkt zijn er wel coachvragen die kunnen helpen, maar is minstens zo belangrijk hoe je ze inzet. 

Wil je nog meer coachvragen? En weten waarom ik denk dat coachvragen ('zinnetjes') maar heel weinig voor je doen als coach? Lees dan 10 frisse coachvragen.

"Kom op je kan het!" coaching



Een paar jaar geleden was ik tegelijk met Marco van Basten bezig met coaching. Maar dan heel anders. Marco was er met de Nederlandse selectie in hetzelfde hotel om te trainen voor het EK. Eerlijk gezegd stond hij vooral aan de zijlijn te beschouwen hoe zijn spelers het deden bij de proeftraining, maar toch, af en toe werd er 'gecoacht'. En al helemaal door zijn mede trainers. Die riepen, moedigden aan en drilden zo onze jongens tot hogere prestaties.

Zelf was ik in dat hotel om een driedaagse training Coachtechnieken te geven. Gek genoeg heet het allemaal coaching, maar vraagt het toch heel andere dingen om effectief te zijn. Wie in coaching 'kom op je kan het' roept tegen de ander, moet zich afvragen waarom hij dat eigenlijk doet. Voor de eigen behoefte (fijn vinden om te helpen, steunen?). Of omdat de ander het gevoel oproept, dat een beetje ondersteuning geen kwaad kan? In beide gevallen, en vaak komen ze tegelijk voor, doe je de gecoachte uiteindelijk geen echte dienst. Je leert hem niet zelf leren.

Natuurlijk, het voelt goed om te geven als coach. En het voelt goed als gecoachte om te krijgen. Iemand die twijfels heeft, geen vertrouwen voelt, vindt het meestal heerlijk als een ander wel dat vertrouwen heeft. De vraag is dan alleen wel wat de geleerde les is. Misschien is dat wel 'ik kan het niet alleen', of 'ik heb een ander nodig om mij zekerder te gaan voelen'. En op onbewust niveau: 'zie je wel ik kan dit niet, weet dit niet, etc.' Onderzoek heeft dit effect zelfs aangetoond. Ze vroegen mensen met weinig zelfvertrouwen om elke ochtend voor de spiegel te staan en tegen zichzelf te roepen 'kom op, je kan het tijger. Je bent een topper!'. Een gedeelte van de groep kreeg niet deze opdracht. Na afloop van de proef bleken de mensen die zichzelf steeds moed in hadden gesproken eerder minder dan meer zelfvertrouwen te hebben gekregen. De opdracht was een constante reminder geweest dat ze zich eigenlijk onzeker voelden. Het hoofd zei A, maar het hart zei B. En zo gaat het ook vaak in coachgesprekken.

In de transactionele analyse noemen ze dit de dramadriehoek. Redders en aanmoedigers, roepen slachtoffergedrag op. En kwetsbaren roepen troost op. En zou houd je elkaars positie in stand, net zo lang tot er iemand denkt: en nu ga ik aanklagen, want dit frustreert. Meestal is dat zelfs de coach die het opgeeft...

Hoe dan wel? De volgende keer als je de neiging hebt om te roepen 'kom op je kan het!', onderzoek eens waarom jij die neiging hebt en maak hier dan open en eerlijke feedback van. Vanuit vertrouwen - echt vertrouwen - dat een andere volwassene verder kan en zal komen door eerlijk feedback te horen. Geen censuur, geen verhulde troost, maar wel oprecht vertrouwen. Natuurlijk is dit makkelijker gezegd dan gedaan en valt er nog meer over te zeggen. Dat heb ik ook in het artikel een systeemcoach is een O.E.N.gedaan.

Maar deze blogpost stopt nu, want ik weet het zeker: kom op je kan het!